Fasen van het Schuldbemiddelingstraject



In geval van schuldbemiddeling en saneringskrediet onderhandelt de Gemeente met de schuldeisers over de aflossing van een bepaald deel van uw totale schuld, tegen finale kwijting van het resterende. Het traject is opgedeeld in verschillende fases en verloopt normaalgesproken als volgt:

Fase A

Fase A is de eerste fase van het schuldbemiddelingstraject en wordt ook wel de stabilisatiefase genoemd. Dit heeft als reden dat deze fase ook regelmatig wordt gebruikt om de inkomsten en uitgaven in balans te krijgen, en te zorgen dat er geen nieuwe schulden meer ontstaan (stabiliseren).

In geval van achterstanden in de vaste lasten zoals huur, energie, water en zorgverzekering wordt vaak ook budgetbeheer opgestart, om tijdige betaling van de vaste lasten gedurende het traject te garanderen en nieuwe schulden te voorkomen. Dit is met name van belang voor de hierboven genoemde vaste lasten, omdat het hier om primaire levensbehoeftes gaat.

Bovendien kan het verder oplopen van schulden in de vaste lasten uithuiszetting of afsluiting van energie of water tot gevolg hebben, wat het traject ernstig in gevaar kan brengen. Immers is er dan geen sprake meer van een stabiele situatie, waarbij volledig aan de oplossing van schulden gewerkt kan worden.

Fase B

Zodra duidelijk is dat uw situatie stabiel is, en er geen belemmeringen zijn voor schuldhulpverlening, worden uw schuldeisers aangeschreven. Uw schuldeisers worden daarbij op de hoogte gebracht van uw aanmelding bij schuldhulpverlening. Tegelijkertijd worden zij verzocht om een opgave te doen van het huidige saldo van uw openstaande vorderingen. Ook worden uw schuldeisers gevraagd om invorderingsmaatregelen, zoals beslagleggingen op uw inboel, bankrekening, inkomen, uitkering en/of toeslagen, stop te zetten. Overigens kan een schuldhulpverleningsinstantie uw schuldeisers daartoe niet dwingen. Vaak zijn er echter wel afspraken gemaakt met schuldeisers.

U dient zich hierbij goed te realiseren dat het aanschrijven van schuldeisers gebeurt op basis van de door uzelf aangeleverde gegevens. Immers weet alleen uzelf wie uw schuldeisers zijn. Het is daarom van groot belang dat u een volledige lijst met schuldeisers inlevert.

Fase C

Wanneer alle schuldeisers het huidige openstaande saldo hebben doorgegeven, wordt er voor u een overzicht opgesteld met daarop alle schuldeisers en doorgegeven bedragen. U krijgt dit overzicht toegestuurd, en u wordt verzocht om deze op volledigheid te controleren. U ondertekent dit overzicht dan ook alleen indien u zeker weet dat alle schuldeisers op dit overzicht staan. Schuldhulpverlening kan namelijk alleen maar slagen indien alle schuldeisers in het traject zijn meegenomen.

Fase D

Na ontvangst van het ondertekende schuldenoverzicht, maakt uw consulent een Vrij Te Laten Bedrag (VTLB) berekening. Het VTLB is het minium bedrag dat u nodig heeft om uw vaste lasten te kunnen betalen, en op bijstandsniveau te kunnen eten en drinken. Onder vaste lasten worden hierbij alleen de huur, energie, water en zorgverzekering verstaan. TV-, internet of mobiele telefoon abonnementen vallen hier niet onder.

Leer hier hoe u uw  afloscapaciteit berekent

Vervolgens bepaalt uw consulent of een schuldbemiddeling of een saneringskrediet het beste bij uw situatie past. Bij een schuldbemiddeling wordt er elke maand gedurende 36 maanden gereserveerd voor de schuldeisers. Omdat uw financiële omstandigheden gedurende 3 jaar kunnen wijzigen, wordt er een prognose voorstel gedaan aan schuldeisers. Een prognose voorstel is een voorstel dat is gebaseerd op uw huidige financiële situatie. Zoals gezegd kan uw situatie in 3 jaar tijd veranderen. Indien u bijvoorbeeld meer gaat verdienen, kunt u meer gaan aflossen, en krijgen de schuldeisers meer dan de prognose. Indien u minder gaat verdienen door bijvoorbeeld verlies van uw baan, dan zullen de schuldeisers minder krijgen dan de prognose.

Bij een saneringskrediet wordt er een vast voorstel gedaan aan de schuldeisers. Schuldeisers krijgen het aangeboden percentage in één keer uitbetaald bij een saneringskrediet. Dit bedrag wordt voorgeschoten door de Gemeente in de vorm van een lening. U betaalt vervolgens de lening gedurende 36 maanden af aan de Gemeente. Voordeel hiervan is dat de finale kwijting van het overgebleven schuldbedrag meteen bij betaling aan de schuldeisers wordt verleend, en u dus meteen een ‘schone lei’ krijgt. Vervolgens heeft u nog slechts 1 schuldeiser over, namelijk de Gemeente. Overigens wordt een saneringskrediet alleen verstrekt indien u gedurende lange tijd hetzelfde inkomen hebt (gehad) en het aannemelijk is dat u dit inkomen ook gedurende de looptijd van het saneringskrediet (meestal ook 36 maanden) behoudt. Immers is het niet wenselijk dat u, wanneer uw inkomsten dalen, gehouden bent aan het betalen van een aflossing die is berekend op basis van uw hogere inkomen. Omdat het een lening betreft, is de afloscapaciteit zoals gezegd geen prognose, en kan deze dus niet naar beneden worden aangepast. Ook niet naar boven overigens, dus als de kans bestaat dat u meer gaat verdienen, dan zou u bij een saneringskrediet de schuldeisers juist benadelen.

Fase E

Zodra uw afloscapaciteit is berekend, en is bepaald of er een schuldbemiddelingsvoorstel wordt gedaan of een saneringskrediet wordt aangeboden, worden de voorstellen verstuurd aan uw schuldeisers. Uw schuldeisers krijgen daarbij de mogelijkheid om wel of niet akkoord te gaan met het betalingsvoorstel. Alleen wanneer alle schuldeisers akkoord gaan met het voorstel, kan het traject slagen. Ook hiervoor geldt weer dat de schuldhulpverleningsinstantie de schuldeisers niet kan dwingen om akkoord te gaan.

Indien alle schuldeisers akkoord gaan met het betalingsvoorstel, is het traject geslaagd en zit u in de daadwerkelijk in een schuldsaneringstraject.

Indien slechts een enkele schuldeiser niet akkoord wil gaan met het voorstel en deze slechts een klein deel van de totale schuldenlast vertegenwoordigt, of deze weigert om een onterechte reden,  dan bestaat nog de mogelijkheid tot het aanvragen van een dwangakkoord bij de rechtbank. De rechtbank oordeelt bij een dergelijke aanvaag of het inderdaad onredelijk is dat deze enkele schuldeiser weigert akkoord te gaan. Als de rechter dit inderdaad onredelijk acht, dan zal de rechter de weigerende schuldeiser dwingen om alsnog akkoord te gaan. In dat geval kan het traject dus alsnog slagen.